Energiecafé bij SVZ: ondernemers zoeken zelf ruimte in het energiesysteem

Een volle kantine bij SVZ Transport in Zwaag, vier ondernemers met ieder een heel ander bedrijf en toch opvallend veel dezelfde vragen. Tijdens het Energiecafé van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord en New Energy Coalition op 1 oktober ging het over elektrisch vervoer, warmte, water, netcongestie, subsidies en samenwerking. De belangrijkste boodschap uit de praktijk was dat je vooral niet moet wachten op de perfecte oplossing. Zorg ervoor dat je weet hoe je eigen energiesysteem werkt en begin van daaruit.

SVZ Transport vormde het decor voor de bijeenkomst. Manager verduurzaming Michel Cornelis nam de aanwezigen mee in de ontwikkeling van elektrisch vervoer binnen het transportbedrijf. SVZ rijdt inmiddels met een groeiende elektrische vloot en opende onlangs een nieuw laadplein voor elektrische vrachtwagens.

Daarbij maakte Michel ook duidelijk hoe groot de stap naar verdere elektrificatie is. Een elektrisch voertuig aanschaffen is één ding; voldoende vermogen beschikbaar hebben om een hele vloot te laden is een ander verhaal. Regelingen zoals AanZET helpen bij de investering in emissieloze vrachtwagens, maar daarna moet de energievoorziening wel mee kunnen groeien.

Niet alleen kijken naar meer stroom

SVZ kijkt daarom steeds breder naar de energievoorziening op de locatie. Niet alleen naar de eigen aansluiting, maar ook naar samenwerking met andere bedrijven. Energiecoöperatie Westfrisia telt inmiddels elf leden. Onderwerpen als cable pooling en gezamenlijk laden worden allemaal onderzocht. Bijvoorbeeld door een klant of buurman stroom te laten gebruiken op momenten dat deze op een andere locatie niet nodig is.

Juist dat integrale beeld had Michel achteraf eerder willen hebben. Zijn advies aan andere ondernemers: kijk niet alleen naar een losse laadpaal, batterij of installatie, maar naar het totale stroomaanbod op je locatie én naar wat je bedrijf nu en straks nodig heeft.

“Ga het doen en leer van daaruit”, was zijn boodschap. De praktijk verandert snel en niet alles is vooraf dicht te rekenen.

Tulpen als onderdeel van het energiesysteem

Bij Ronico speelt hetzelfde vraagstuk in een heel andere sector. Jeroen Laan liet zien hoe het tulpenbedrijf verduurzaming steeds verder in de bedrijfsvoering verweeft. Certificeringen spelen daarbij een rol, mede doordat klanten daar steeds vaker om vragen. Maar veel oplossingen ontstaan ook vanuit de eigen bedrijfsvoering.

Voor een nieuwe kas en nieuwe installaties was veel meer elektrisch vermogen nodig dan beschikbaar was. Ronico zocht daarom samen met onder meer Liander naar manieren om het energiegebruik anders te organiseren.

Daarbij worden verschillende technieken gecombineerd, waaronder warmtepompen, WKK’s en warmtebuffers. Ook de belichting van de tulpen kan flexibel worden ingezet. Als tijdens pauzes in één keer meerdere machines worden uitgezet, is het voor de WKK belangrijk dat er dan niet opeens een stroompiek ontstaat. Daarom gaat dan bij de tulpen het licht aan. Warmte die bij de WKK vrijkomt, wordt opgeslagen om later te gebruiken. Hiervoor kijken ze bij Ronico verder in de omgeving. Zelfs een samenwerking met het lokale zwembad wordt onderzocht.

Jeroen benoemde vooral het belang van vroeg inzicht. Wie pas naar zijn energievoorziening kijkt op het moment dat een nieuwe installatie wordt geplaatst, is eigenlijk te laat. Het energiesysteem heeft inmiddels zoveel invloed op de bedrijfsvoering dat het onderdeel moet zijn van investeringsplannen.

In Het Grootslag wordt al jaren samen gewerkt

Rick Gitzels liet zien dat samenwerking rond energie ook op gebiedsniveau kan ontstaan. Het glastuinbouwgebied Het Grootslag kent veel verschillende bedrijven met verschillende behoeften. Juist die concentratie biedt mogelijkheden.

Sinds 2018 maakt het gebied gebruik van geothermie. Warmte wordt op een diepte van ongeveer 2,5 tot 3 kilometer gewonnen en via een eigen warmtenet verdeeld. Gitzels voorziet daarmee naar eigen zeggen in ongeveer 70 procent van zijn warmtebehoefte. De rest wordt aangevuld met de WKK.

Andere opties, zoals waterstof, windenergie en biovergisting, worden wel bekeken, maar zijn volgens Rick op dit moment kostbaar of ingewikkeld. Daarom ligt de nadruk nu op verdere uitbreiding van het warmtesysteem.

Samenwerken gaat bovendien over meer dan energie. In het gebied spelen ook water en ruimte een grote rol. Regenwater wordt opgevangen en bedrijven werken met gesloten watersystemen en zuivering op locatie. Bij verbouwingen wordt gekeken of bedrijven elkaar tijdelijk ruimte kunnen bieden.

Ricks belangrijkste les? Begin eerder met samenwerken. Ondernemers hoeven niet alles zelf uit te zoeken. Veel kennis is al aanwezig bij andere bedrijven, ook buiten de eigen sector.

Data als basis

Ook Barry de Nijs van Vreeker Groep legde de nadruk op vooruitkijken. Zijn bedrijf ontwikkelde zich steeds mee met veranderingen in de markt en de omgeving. Vreeker is daarnaast betrokken bij energiecoöperatie HN80.

Bij het verhaal van Barry kwam vooral de rol van data terug. Wie niet weet wat hij gebruikt, wanneer pieken ontstaan en hoe processen zich tot elkaar verhouden, kan moeilijk goede keuzes maken. Zijn advies is daarom om energie- en bedrijfsdata beter te organiseren en te structureren.

Dat geldt ook voor water. In de tuinbouw is opvang van regenwater al heel normaal, terwijl het in stedelijke en bedrijfsmatige gebieden steeds belangrijker wordt. Energie, water en ruimte blijken daarmee steeds minder losse onderwerpen.

Vier bedrijven, dezelfde les

De bedrijven verschillen sterk van elkaar, maar hun lessen liggen opvallend dicht bij elkaar. Breng je eigen situatie in beeld. Kijk verder dan één techniek. Gebruik data. Praat met andere ondernemers. En wacht niet tot alles zeker is. Daar is geen tijd voor.

Ook subsidies kunnen daarbij helpen, bijvoorbeeld bij elektrisch vervoer, onderzoek naar flexibiliteit, energiebesparing of samenwerking. Maar een subsidie is nooit het beginpunt. Eerst moet duidelijk zijn waar het bedrijf naartoe wil en wat daarvoor technisch en organisatorisch nodig is.

Tijdens de afsluitende netwerkborrel in het museum van SVZ werd daar nog volop over doorgepraat. Misschien was dat wel de belangrijkste functie van het Energiecafé: ondernemers uit verschillende sectoren bij elkaar brengen die tegen verschillende varianten van hetzelfde vraagstuk aanlopen.

Want wie vooruit wil in het energiesysteem van morgen, hoeft niet alles zelf uit te vinden. De ervaringen liggen soms gewoon een paar bedrijven verderop.

Duurzame inspiratie