Niemand ontkomt aan netcongestie, ook ondernemers in de gemeente Koggenland niet. De gemeente wil hen graag ondersteunen en meenemen in mogelijke opties. Zo’n dertig ondernemers kwamen daarom af op het evenement Netcongestie en Energiehubs. De rode draad van de bijeenkomst was helder: wachten tot het stroomnet is uitgebreid is geen strategie. Wie vooruit wil, kan nu al beginnen met inzicht krijgen in het eigen energiegebruik en onderzoeken wat binnen de bestaande aansluiting mogelijk is.
Joost Akkermans van Alliander nam de aanwezigen mee in de werking van het elektriciteitsnet en de rol die energiehubs daarin kunnen spelen. Daarbij maakte hij onder meer het verschil duidelijk tussen vermogen en energie.
- Kilowatt (kW) zegt iets over het vermogen: hoeveel energie er op een bepaald moment wordt geleverd of gebruikt.
- Kilowattuur (kWh) zegt iets over de hoeveelheid energie die gedurende een bepaalde tijd is gebruikt of geleverd.
Bijvoorbeeld: een laadpaal met een vermogen van 100 kW die een half uur op vol vermogen laadt, levert 50 kWh energie.
Om meer ruimte op het elektriciteitsnet te creëren, wordt niet alleen gewerkt aan uitbreiding van het net. Ook het beter benutten van de bestaande infrastructuur wordt steeds belangrijker.
Een GTO is nog geen energiehub
Daarbij kwam ook de groepstransportovereenkomst, de GTO, aan bod. Deze overeenkomst kan bedrijven de mogelijkheid geven om gezamenlijk gebruik te maken van transportcapaciteit. Maar een GTO is op zichzelf nog geen energiehub.
Een energiehub gaat nog iets verder. Hier wordt echt samengewerkt rond energie. Verbruik, lokale opwek, opslag en het slim inzetten van beschikbare capaciteit worden hier samen afgestemd. Welke vorm daarbij past, verschilt per bedrijventerrein en per groep ondernemers.
De boodschap tijdens de bijeenkomst was dan ook: begin niet bij het eindbeeld. Eerst moet duidelijk zijn wat bedrijven individueel gebruiken en nodig hebben.
Niet laten sudderen
Wim Joosten van Energy Pool ging in op de rol van energiemanagement. Met een datagestuurd energiemanagementsysteem kan een bedrijf beter zien waar pieken ontstaan en welke processen mogelijk anders gepland of aangestuurd kunnen worden.
Zijn oproep aan ondernemers was praktisch: laat het onderwerp niet sudderen. Niets doen is geen oplossing. Laat goed uitzoeken wat er binnen je eigen bedrijf mogelijk is en maak daar een concreet maatwerkplan voor. Geen dik rapport, maar bijvoorbeeld een overzichtelijke A4 waarmee je daadwerkelijk aan de slag kunt.
Veltkamp is via Energy Pool al met zo’n traject begonnen. De ervaring daar laat volgens Joosten zien dat zo’n eerste analyse niet ingewikkeld hoeft te zijn en vooral helpt om van een algemeen energieprobleem naar concrete keuzes te komen. Hier werd instemmend op gereageerd door de ondernemers van Veltkamp.
Eerst achter de meter kijken
Ook New Energy Coalition benadrukte die volgorde. Voordat bedrijven een collectieve oplossing of energiehub gaan onderzoeken, is het verstandig om eerst te kijken naar de mogelijkheden ‘achter de meter’.
GreenDee liet zien hoe analyses van individuele bedrijven daarbij kunnen helpen. Hoe ziet het energieprofiel eruit? Wanneer ontstaan pieken? Welke installaties vragen veel vermogen? En kan verbruik worden verschoven, beperkt of slimmer aangestuurd?
Pas wanneer die informatie van meerdere bedrijven beschikbaar is, kun je goed beoordelen of samenwerking zinvol is. Dan wordt bijvoorbeeld zichtbaar of energieprofielen elkaar aanvullen en of gezamenlijke oplossingen rond opslag, opwek of transportcapaciteit kansrijk zijn.
Tijdens de bijeenkomst kwamen ook voorbeelden uit andere gebieden aan bod, zoals bedrijventerrein Boekelermeer in Alkmaar, waar al langer ervaring wordt opgedaan met samenwerking rond energie.
Begin klein, maar begin wel
Een energiehub ontstaat dus niet van de ene op de andere dag. Je hebt data nodig, bedrijven moeten elkaar weten te vinden en uiteindelijk zijn er afspraken nodig over capaciteit, investeringen en verantwoordelijkheden.
Maar dat betekent niet dat ondernemers moeten wachten. Juist de eerste stappen kunnen nu al worden gezet: inzicht krijgen in het eigen energiegebruik, een maatwerkplan maken en vervolgens kijken of er samen met bedrijven in de omgeving meer mogelijk is.
Tot slot kregen de aanwezigen alvast een inkijkje in subsidieregelingen die ondernemers kunnen ondersteunen bij onderzoek, flexibiliteit en samenwerking rond energie.
De boodschap van de middag was daarmee vooral praktisch: maak het niet groter dan nodig, maar laat het ook niet liggen. Begin bij je eigen bedrijf. Met goede data wordt vanzelf duidelijker wat de volgende stap kan zijn.