Ondernemers investeren volop in verduurzaming. Niet alleen omdat het moet, maar vooral omdat het ook gewoon logisch is. Een zuiniger bedrijfspand, schoner materieel, minder afval, klimaatbestendige inrichting of efficiënter gebruik van water en grondstoffen: het zijn investeringen die bijdragen aan een toekomstbestendig bedrijf.
Dat blijkt ook uit de nieuwste cijfers van RVO. In 2025 maakten bedrijven voor ruim 3 miljard euro aan milieu-investeringen gebruik van belastingvoordeel via de Milieu-investeringsaftrek en Vamil. Het grootste deel daarvan ging naar het verduurzamen van gebouwen en het voorbereiden van bedrijven op de gevolgen van klimaatverandering. Het verwachte belastingvoordeel voor ondernemers komt uit op 152 miljoen euro.
Twee weken geleden deelden we op onze socials een bericht over de EIA, de Energie-investeringsaftrek. Die regeling is bedoeld voor energiezuinige investeringen. MIA/Vamil kijkt breder. Deze regelingen zijn bedoeld voor ondernemers die investeren in milieuvriendelijke bedrijfsmiddelen. Denk aan duurzame gebouwen, circulaire bouwmaterialen, emissiearme technieken, schoner transport, waterbesparing, klimaatadaptatie of innovatieve oplossingen voor productieprocessen.
Wat is MIA/Vamil?
MIA staat voor Milieu-investeringsaftrek en Vamil voor Willekeurige afschrijving milieu-investeringen. MIA/Vamil is geen subsidie die je direct op je rekening krijgt. Het is een fiscaal voordeel. Met MIA mag je een extra deel van je duurzame investering aftrekken van je fiscale winst. Daardoor betaal je minder belasting. Met Vamil mag je een groot deel van de investering afschrijven op een moment dat jou goed uitkomt. Dat kan handig zijn voor je liquiditeit, omdat je belastingvoordeel eerder naar voren kunt halen.
De regeling geldt alleen voor bedrijfsmiddelen die op de actuele Milieulijst staan. Het exacte voordeel verschilt per investering, maar de MIA kan in 2026 oplopen tot 45% van het investeringsbedrag en met Vamil kun je tot 75% van de investering flexibel afschrijven.
Stel, je investeert € 50.000 in een milieuvriendelijk bedrijfsmiddel dat op de Milieulijst staat. Dan mag je via MIA mogelijk een extra percentage van die investering aftrekken van je fiscale winst. Daarnaast kun je via Vamil een groot deel van de investering sneller of juist op een handig moment afschrijven. Het exacte voordeel hangt af van het soort investering, het aftrekpercentage op de Milieulijst en jouw belastingpositie.
Interessant voor veel meer ondernemers dan je denkt
MIA/Vamil klinkt misschien als iets voor grote industrie of koplopers met complete duurzaamheidsafdelingen. Maar dat is te kort door de bocht. Ook voor MKB’ers kan de regeling interessant zijn, juist op momenten waarop je toch al gaat investeren.
Een winkelier die zijn koeling vervangt, kan kijken of er milieuvriendelijke alternatieven op de Milieulijst staan. Een agrarisch ondernemer die investeert in waterbesparing, emissiearme technieken of duurzame voorzieningen op het erf, kan onderzoeken of MIA/Vamil mogelijk is. Een transport- of logistiek bedrijf dat schoner materieel of duurzamere mobiliteit overweegt, kan de regeling meenemen in de investeringsberekening. En ondernemers met een bedrijfspand kunnen denken aan duurzame gebouwmaatregelen, klimaatadaptatie of circulaire materialen.
Ook op bedrijventerreinen liggen kansen. Denk aan investeringen in duurzame inrichting, wateropvang, circulaire bouw of maatregelen die bedrijven beter voorbereiden op hitte, piekbuien en andere gevolgen van klimaatverandering.
De Milieulijst is leidend
Niet elke duurzame investering komt automatisch in aanmerking. De investering moet op de Milieulijst staan en voldoen aan de voorwaarden die daarbij horen. Die lijst wordt jaarlijks aangepast. Het is dus belangrijk om niet te vertrouwen op wat vorig jaar nog mogelijk was, maar altijd de actuele lijst te controleren. RVO geeft aan dat je voor je aanvraag de Milieulijst en het aanvraagformulier gebruikt die gelden op de dag waarop je de koopovereenkomst tekent of de bestelling doet.
Dat maakt timing belangrijk. Wie pas na levering of betaling gaat kijken, kan te laat zijn.
Voor aanschafkosten geldt dat je de aanvraag binnen drie maanden na de besteldatum moet indienen. RVO waarschuwt daarbij expliciet: ga niet uit van de offerte-, installatie-, factuur- of betaaldatum.
Eerst kijken, dan bestellen
De belangrijkste tip is dus simpel: check MIA/Vamil vóórdat je definitief bestelt. Zeker als je toch al bezig bent met een investering in je pand, wagenpark, materieel, erf, winkelinrichting of bedrijfsproces.
Vraag jezelf bijvoorbeeld af:
Komt er een vervanging aan van machines, koeling, installaties of voertuigen? Ga je verbouwen of uitbreiden? Wil je water besparen, emissies verminderen of circulaire materialen toepassen? Is je bedrijfspand toe aan verduurzaming of klimaatadaptatie? Dan is het verstandig om de Milieulijst erbij te pakken of advies te vragen.
Dat hoeft geen groot traject te zijn. Het begint met één praktische controle: staat mijn investering op de lijst en voldoe ik aan de voorwaarden?
Duurzaam investeren wordt slimmer als je vooruitkijkt
Verduurzaming vraagt om keuzes. Niet iedere ondernemer kan of wil alles tegelijk doen. Maar juist daarom is het slim om duurzame kansen te koppelen aan natuurlijke investeringsmomenten. Als de koeling toch vervangen moet worden. Als er nieuw materieel nodig is. Als je gaat verbouwen. Als het wagenpark op de schop gaat. Of als je bedrijfspand aangepast moet worden aan de toekomst.
MIA/Vamil kan helpen om zo’n investering financieel beter rond te rekenen. Niet als doel op zich, maar als steuntje in de rug.
Duurzaam ondernemen begint niet altijd met een groot plan. Soms begint het met de vraag: als ik nu toch investeer, kan ik het dan meteen slimmer, schoner en toekomstbestendiger doen?