Wat ondernemers moeten weten over netcongestie, Liander en wat nú wél kan
Het elektriciteitsnet in Noord-Holland staat onder druk. Ondernemers krijgen steeds vaker ‘nee’ te horen op aanvragen voor extra vermogen, teruglevering of nieuwe aansluitingen. Dat leidt tot frustratie en onbegrip. Want waarom kan het niet, terwijl de energietransitie juist versneld moet worden?
Om die vragen eerlijk te beantwoorden, spraken we met Liander. In dit artikel legt Ruben van Loon, Regiomanager Noord-Holland, uit hoe het elektriciteitsnet werkt, waar de grenzen liggen en wat ondernemers nu wél kunnen doen.
Waar staan we nu?
“We zitten in wat wij transportschaarste noemen,” zegt Ruben. “Als we iedereen toelaten die extra stroom wil afnemen of leveren, ontstaat er congestie. Dan staat het stil. En dat mogen we niet laten gebeuren.”
Ruben gebruikt de metafoor van het verkeer, die een duidelijker beeld geeft van de situatie. Het elektriciteitsnet dat Liander beheert is te vergelijken met dorps- en N-wegen, terwijl TenneT de A-/snelwegen beheert. Maar er is een heel belangrijk verschil met verkeer over de weg. “Verkeer over de weg kan vastlopen. Er kan file ontstaan. Bij stroomverkeer kan dat niet. Zodra het ‘verkeer’ op het net stilvalt, krijg je overbelasting en uitval. Daarom moet er altijd beweging blijven. Afname en opwek moeten in balans zijn, binnen de capaciteit van de elektriciteitsnetten.”
Met andere woorden: als de snelweg vol is, kunnen er geen auto’s meer bij. Stoplichten blijven op rood, niet omdat Liander dat wil, maar omdat altijd voorop staat dat het elektriciteitsnet blijft functioneren.
Waar zit de grootste druk?
De grootste druk zit op dit moment op afname van elektriciteit. Teruglevering krijgt soms nog ruimte, maar ook daar lopen regio’s vast. Boven het Noordzeekanaal speelt teruglevering extra door de hoeveelheid windmolens, zonneparken, zonnepanelen op woningen en zonnedaken in het landelijke gebied. Dat heb je in het hoog-stedelijke gebied minder. Afname is overal een probleem in Noord-Holland.
“Elektriciteit laat zich slecht sturen,” legt Ruben uit. “Bij gas of water kan dat makkelijker. Stroom gaat daar heen waar een poort openstaat en dat gebeurt in milliseconden. Ook gaat stroom niet maar één kant op. Er is niet voor elke richting een aparte baan. Over dezelfde kabel gaat zowel opwek als afname.” Nog een belangrijk verschil met normaal wegverkeer. Daarom is lokale opwek ook direct lokaal gebruiken zo belangrijk. Zodra stroom niet direct wordt afgenomen op of nabij de locatie waar deze stroom wordt opgewekt, moet het getransporteerd worden en precies daar zitten momenteel de bottlenecks.
Wat merken ondernemers hiervan?
Ondernemers krijgen steeds vaker ‘nee’ te horen. Dat geldt zowel op het middenspanningsnet van Liander als op het hoogspanningsnet van TenneT. In Noord-Holland zijn de meeste plekken volledig op slot gezet. Daar kan echt niemand meer bij.
“Dan lijkt het lokaal soms nog te kunnen,” zegt Ruben, “maar als het op de snelweg vastzit, houdt het op. Wij kunnen wel opritten maken, of de N- en dorps-wegen voller krijgen, maar als de snelweg vol is, kom je nergens.” Daar komt bij dat uitbreidingen zichtbaar zijn. Stroom zelf en de infrastructuur onder de grond zie je niet. Maar voor verzwaring moeten nieuwe kabels, stations en soms masten worden aangelegd en neergezet. “We willen het netjes oplossen, maar als we geen infrastructuur bouwen, moeten we stoppen met woningen bouwen en ondernemen.”

Waarom duurt netuitbreiding zo lang?
Netuitbreiding kost vaak 8 tot 10 jaar. Niet vanwege techniek, maar vooral door ruimte en vergunningen. “Zo’n 50 tot 60 procent van de tijd zijn we bezig met locatiekeuzes en procedures,” zegt Ruben. “Om één plek te realiseren, moeten we soms vijf tot tien alternatieven onderzoeken. Dat kost tijd, geld en energie.”
Techniek en mensen zijn oplosbaar. Maar zonder ruimte kan Liander niet bouwen. En daar wringt het. “Wij zijn er niet voor onszelf. We bouwen voor bewoners en bedrijven. Maar niemand wil de infrastructuur op zijn grond of in de achtertuin.” Dat maakt het een enorme uitdaging. Onze collega’s moeten soms beveiligd worden tijdens het bouwen, omdat mensen er echt niet blij mee zijn. We zijn er echter juist vóór inwoners en ondernemers.
De rol van TenneT
Liander en TenneT hebben hetzelfde probleem, maar op een ander schaalniveau. “Wij beheren de dorps- en N-wegen, zij de snelwegen,” zegt Ruben. “Hoe flexibeler het bij ons wordt, hoe voller het bij hen raakt.” Voor TenneT is uitbreiding cruciaal; daar ligt volgens Liander zo’n 80% van de oplossing. Bij Liander is dat ongeveer 50%. De rest moet komen uit slimmer gebruik. Een verandering in gedrag van ons allemaal dus.
Wat kan Liander wél doen op korte termijn?
Liander zet sterk in op beter benutten van het bestaande net. Dat gebeurt via congestiemanagement en flexibiliteit. “We vragen bestaande klanten of ze hun verbruik kunnen aanpassen in tijd. Op andere momenten stroom gebruiken dus. Wat we daar vinden, kunnen we inzetten voor bedrijven die nu niets hebben. Daarbij moet je je wel realiseren: Wie geen stroom heeft, kunnen we niet helpen met flexibiliteit. Wie wel iets heeft, kan iets doen voor hen die niets hebben.”
Voor grote bedrijven kan flexibiliteit financieel aantrekkelijk zijn. Voor kleinere ondernemers is het lastiger en voelt het vaak als een kostenpost. Daarom zoekt Liander actief samenwerking met gemeenten en ondernemersverenigingen voor een stukje bewustwording en begeleiding. Overigens niet alleen voor de gedragsverandering, maar ook om processen rond de verzwaring van het net soepeler te laten verlopen. “Er zijn gemeenten waar we direct aan de slag kunnen. Waar ze niet kunnen wachten tot de infrastructuur gereed is. Dan kunnen we allemaal weer verder. Het zou helpen als processen lokaal al doorlopen zijn, zodat we sneller kunnen bouwen.”
Samenwerking op bedrijventerreinen: kansrijk, maar niet eenvoudig
Samenwerken kan helpen, maar is geen wondermiddel. Juridisch is het complex, financiering is lastig en vertrouwen cruciaal. “Het lijkt op een VvE,” zegt Ruben. “En net als bij een VvE zie je dat de meeste initiatieven vastlopen op de onderlinge samenwerking tussen ondernemers, niet op ons.” De parkeerplaats-metafoor maakt dat duidelijk: “Je hebt samen tien plekken. Dat worden er nooit vijftig. Je moet dus afspraken maken: wie parkeert waar en wanneer.”
Dat vraagt inzicht in ieders energieprofiel, duidelijke afspraken over in- en uittreden en bereidheid om te delen.
Data: nodig, maar begrensd
Data is dus essentieel om het net slimmer te gebruiken. Maar privacy en kosten stellen grenzen. “Wij hebben veel data, maar mogen die niet zomaar delen,” zegt Ruben. “Als klanten toestemming geven, kan er veel meer. Zonder die toestemming moeten we anonimiseren.”
Ondernemers kunnen wél zelf beginnen met inzicht in hun eigen profiel. Dat is vaak de sleutel tot een beter gesprek. Als je weet wat je nodig hebt en wat je verbruikt, kun je stappen zetten.
Wat verandert richting 2030?
Nieuwe wetgeving geeft Liander meer ruimte om vooruit te investeren. Dat is een belangrijke stap. Tegelijk wordt toezicht strenger. “De ruimte die we krijgen, moeten we wel aantoonbaar goed benutten voor investeringen voor de toekomst.” Daarbij wordt flexibiliteit structureel onderdeel van het energiesysteem, voor grote én kleine klanten. Als het net verzwaard is, is niet alles opeens opgelost. De energietransitie en dus elektrificatie is nog lang niet uitgespeeld.
“Ook energieplanologie wordt belangrijker. Voorheen gingen we gewoon bouwen en kwam het wel goed met de energievoorziening. Nu gaan we eerst bedenken wat waar komt en dan pas bouwen. Zo hoef je niet achteraf te constateren dat elektrificeren en bijvoorbeeld het laden van voertuigen op een locatie niet kan.”
Wat kunnen ondernemers nu doen?
Dit is misschien wel de belangrijkste boodschap van Liander:
- Zorg dat je je eigen energieprofiel kent
Wanneer gebruik je hoeveel stroom en wat kun je verschuiven? - Ga eerst in gesprek met je omgeving
Samenwerking begint bij elkaar vinden, niet bij Liander. - Werk samen met je gemeente
Gemeenten zijn cruciaal voor ruimte, vergunningen en bemiddeling. - Heb realistische verwachtingen
Wachten op netuitbreiding is soms de enige optie. Maar niets doen is dat eigenlijk nooit.
Veiligheid gaat vóór snelheid
Het net is niet stuk. Het is vol en kwetsbaar. Veiligheid gaat altijd vóór snelheid. Stilstand is geen optie, dus moeten we het doen met wat kan.. En uitbreiden alleen is niet genoeg. “Alleen samen komen we uit de netcongestie,” zegt Ruben. “Door ruimte te geven, samen op te trekken en te accepteren dat energie geen vanzelfsprekendheid meer is, ontstaat er weer ruimte voor nieuwe ontwikkelingen en perspectief.”
Dat is geen makkelijke boodschap. Wel een eerlijke.
Lees hier meer over de nieuwe contractvormen van Liander.Lees hier meer over de nieuwe contractvormen van Liander.